Ga verder na de inhoud
Tussen fascinatie en afkeer
Onderzoek

Tussen fascinatie en afkeer

Volgens onderzoekers is de geschiedenis van de islam in Europa al sinds de middeleeuwen doordrenkt van zowel toenadering als vijandigheid.

4 minuten
17 juni 2021

Nee, de aanwezigheid van moslims in Europa is geen recent fenomeen. Veel mensen zien de komst van de gastarbeiders in de jaren zestig als het startschot van de islam op het oude continent. Maar volgens professor arabistiek en islamkunde Amr Ryad begint het verhaal van de islam in Europa al veel vroeger. Sinds de middeleeuwen komen beide werelden samen in een geschiedenis die doordrenkt is van zowel toenadering als vijandigheid.

In de vijftiende, zestiende en zeventiende eeuw komt het regelmatig tot conflicten tussen het islamitische Ottomaanse Rijk en de Habsburgse monarchie – vroegmodern Midden- en Oost-Europa. “Denk maar aan het Beleg van Wenen in 1683, toen de Turken voor de laatste keer voor de poorten van de Oostenrijkse hoofdstad stonden.” Tegelijkertijd ontstaan er diplomatieke verhoudingen en handelscontacten tussen beide grootmachten. “Ottomanen voeren handel in de Habsburgse Nederlanden, Groot-Brittannië en Frankrijk, en Europese handelaars trekken naar Aleppo en Istanboel.”

Onder Europeanen bestond een fascinatie voor het exotische Oosten. Sommigen voelden zich zo aangetrokken tot de mystieke islam dat ze zich bekeerden.

Liever Turks dan paaps

Die opeenstapeling van conflicten en contacten mondt uit in een ambigue relatie die zich in de zestiende eeuw treffend vertaalt in de leuze ‘Liever Turks dan paaps’. Vanwege een opflakkering van het protestantisme in de Noordelijke Nederlanden eist stadhouder Willem van Oranje meer godsdienstvrijheid van de roomskatholieke Spaanse Habsburgers. Als die eis verworpen wordt, keren Nederlandse protestanten zich tegen de katholieke onderdrukking.

Ze dragen zilveren penningen in de vorm van een halve maan – het symbool van de islam – met daarop ‘Liever Turks dan paaps’. Met die leuze uiten ze hun voorkeur voor de religieuze tolerantie binnen het Ottomaanse Rijk. “Ottomanen werden gezien als wrede schurken, maar tegelijk ook als verdraagzaam. Onder de Habsburgers belandden protestanten op de brandstapel, terwijl de Ottomaanse sultan een zekere mate van godsdienstvrijheid garandeerde voor christenen en joden.”

Die ambivalente houding tegenover de islam kenmerkt ook de twintigste eeuw. Professor Ryad spitst zich in zijn historisch onderzoek toe op de aanwezigheid van moslims tijdens het interbellum. Na de Eerste Wereldoorlog vestigden tienduizenden moslimsoldaten zich in Europa. Bovendien trokken heel wat jonge moslims naar West-Europa om er te gaan studeren – de meeste West-Europese kolonies waren islamitisch.

“Hoewel de islam als een fanatieke of zelfs gevaarlijke religie werd beschouwd, was Europa soms ook een beetje verliefd op de islam”, zegt professor Ryad. Onder Europeanen bestond een fascinatie voor het exotische Oosten en de daarmee verweven mystieke islam. “Sommige Europeanen voelden zich zo aangetrokken tot deze spiritualiteit dat ze zich bekeerden.”

Tijdens de wereldoorlogen worden moskeeën ingezet als propagandatools: Door hun verbondenheid met de islam te benadrukken, hoopten Europese grootmachten moslims te overtuigen om aan hun kant te vechten.

Jihad Made in Germany

Tijdens en na de Eerste Wereldoorlog verschijnen in Europa de eerste islamitische gebedshuizen. In verschillende Europese hoofdsteden, waaronder Londen, Berlijn en Parijs, worden moskeeën gebouwd. “Dat gebeurde om pragmatische redenen. Tijdens de wereldoorlogen worden moskeeën ingezet als propagandatools: door hun verbondenheid met de islam te benadrukken, hoopten Europese grootmachten moslims te overtuigen om aan hun kant te vechten.”

Duitsland gebruikte ook de jihad, of de islamitische heilige oorlog, om moslims uit het Ottomaanse Rijk op te stoken tegen de geallieerden. “Jihad – een begrip dat vandaag een negatieve connotatie heeft – was tijdens de Eerste Wereldoorlog net iets positiefs in hoge Duitse kringen.” Met een heuse jihad-campagne probeerde Duitsland een heilige oorlog te ontketenen tegen de geallieerden: “Liep je toen door de straten van Istanboel, Caïro of Damascus, dan kon je zomaar een pamflet in je handen gedrukt krijgen met daarop ‘Vermoord de Fransen! Vermoord de Britten! Slacht ze allemaal af!’”, vertelt professor Ryad. “Dat was een oproep aan het adres van alle moslims.”

In 1915 schrijft de Nederlandse islamoloog Christiaan Snouck Hurgronje daarover het manifest ‘Jihad Made in Germany’, waarin hij de rol van Duitsland als aanstichter van de jihad bekritiseert. “Honderdduizenden moslimsoldaten hebben tegen elkaar gevochten in een oorlog die niet de hunne was”, zegt professor Ryad. “Ze werden ingezet om westerse belangen te verdedigen en gingen zo ongewild deel uitmaken van de politieke verdeeldheid in Europa.”

Waar tijdens de Eerste Wereldoorlog duizenden pamfletten werden verspreid, wordt tijdens de Tweede Wereldoorlog de radio ingezet als propagandamiddel. Met Arabische, Chinese en Turkse radiozenders wil nazi-Duitsland zijn politieke boodschap laten doordringen tot ver buiten Europa. Om die nazipropaganda te dwarsbomen, introduceert Groot-Brittannië eind jaren dertig een Arabische versie van de BBC. “Er werden zelfs taalcommissies opgericht om te onderzoeken hoe propaganda niet alleen in Modern Standaardarabisch, maar ook in lokale Arabische dialecten verspreid kon worden.”

De jaren zestig luiden een nieuw hoofdstuk in van de relatie tussen het Westen en de islam. Turkse en Marokkaanse gastarbeiders vestigen zich in Europa en bouwen er gebedshuizen, uitgerekend op het moment dat West-Europa begint te seculariseren. Die ontwikkelingen leggen mee de kiem voor recente spanningen.

Ook gepubliceerd in...

Sonar

Zomer 2021