Ga verder na de inhoud
Meerkamper Noor Vidts heeft bio-ingenieurswetenschappen als extra discipline
Noor Vidts en Nafi Thiam glunderen na hun glansprestaties op de Olympische Spelen.
© Reuters / Belga
Diepte-interview

Meerkamper Noor Vidts heeft bio-ingenieurswetenschappen als extra discipline

Noor Vidts weet topsport en studeren succesvol te combineren. Na een glansprestatie op de Spelen legt ze de focus op haar thesisjaar.

7 minuten
07 september 2021

Alsof meerkampers nog niet genoeg hooi op de vork nemen, besloot Noor Vidts (25) er nog een studie bio-ingenieurswetenschappen bovenop te doen. Het topsportstatuut dat ze van de universiteit kreeg én haar eigen doorzettingsvermogen maken die combinatie haalbaar. En veel meer dan dat: na haar zilveren medaille op het EK indoor in maart verbaasde Vidts sportminnend België afgelopen zomer opnieuw, met een onverhoopte vierde plaats op de Olympische Spelen in Tokio.

‘Stralend’, ‘onbevangen’, ‘ontwapenende glimlach’: het zijn enkele epitheta waarmee de commentatoren Noor Vidts tijdens de Spelen omschreven en die we meteen herkennen als ze ons kort na haar Olympische ervaring te woord staat. Er is dan ook veel om vrolijk over te zijn: een uitstekend verlopen tornooi, een rits persoonlijke records, en een bijzonder fraaie vierde plaats in de eindrangschikking van de zevenkamp. “Als iemand me vooraf gezegd had dat ik zo hoog zou eindigen, zou ik eens hard gelachen hebben”, zegt Vidts.

Nu is het volop genieten, ook van de stortvloed aan gelukwensen. “Ik heb onder meer felicitaties gekregen van mijn thesisbegeleider en van faculteitskring LBK”, vertelt ze. Haar medestudenten volgen haar sportieve prestaties op de voet. “Toen ik twee jaar geleden deelnam aan het WK in Doha, was dat op groot scherm te zien in de fakbar: heel fijn.”

"In Tokio was ik vooral blij met mijn prestatie in het speerwerpen, geen makkelijke proef voor mij."
"In Tokio was ik vooral blij met mijn prestatie in het speerwerpen, geen makkelijke proef voor mij."
© KU Leuven – RS

Kiezen is verliezen

Sport en studie zijn al jarenlang verweven in het leven van Noor Vidts, en ze vertonen ook parallellen. Toen vader Vidts zijn dochter op haar zevende inschreef in een atletiekclub, ontdekte ze dat ze het fijn vond om alle disciplines te doen. “En dat is zo gebleven: ik heb nooit de nood gevoeld om te kiezen”, zegt ze. “Tot mijn achttiende deed ik er zelfs nog basketbal bovenop.” Diezelfde instelling had Vidts toen ze moest beslissen wat ze zou gaan studeren. “In de topsportschool deed ik alle wetenschappelijke vakken graag. Dus koos ik voor bio-ingenieur omdat het een heel brede richting is: je hebt al die wetenschappen nog.”

Inmiddels heeft Vidts haar studie bijna afgerond: ze heeft alleen nog een thesisjaar voor de boeg. Gaandeweg heeft ze ontdekt waar haar interesses liggen: “Ik volg de master ‘Human Health Engineering’: ik voelde dat planten en dieren me toch wat minder zeggen, ik wil vooral weten hoe de mens in elkaar zit. Er zijn ook veel raakvlakken met sport. Mijn masterproef zal bijvoorbeeld gaan over de trainingsbelasting bij sprintkajakkers.”

Vidts MG 4439s web
© KU Leuven - RS

Improviseren

‘Human Health Engineering’ is bovendien een domein dat troeven aanreikt voor haar eigen sportcarrière. “We hebben bijvoorbeeld anatomie gekregen: dan leer je je lichaam echt kennen. Als ik op de tafel van de kine lig, kan ik beter meepraten nu (lacht). Een ingenieur leert ook oplossingsgericht denken. Dat komt evengoed van pas in de sport, bijvoorbeeld als we tijdens een training niet alles kunnen doen wat op de planning staat. Dan moet je kunnen improviseren.” Dat laatste is sowieso een onmisbare vaardigheid voor een topsporter die een universitaire studie volgt. “Het is inderdaad een pittige combi”, lacht Vidts. “Gelukkig mag ik doorzettingsvermogen en punctualiteit tot mijn sterke kanten rekenen, dat helpt.”

Vidts MG 4493s web
© KU Leuven - RS

Een extra ondersteuning is het topsportstatuut van KU Leuven. Dat geeft studenten die op hoog niveau sporten de flexibiliteit om hun studieloopbaan te combineren met de broodnodige trainings- en wedstrijduren. Noor Vidts was vorig academiejaar één van de 76 topsporters die een A-statuut toegekend kregen en zo een beroep konden doen op een ruim pakket studie-, examen- en accommodatiefaciliteiten. “Dat statuut is tijdens mijn hele studie een grote hulp geweest, bijvoorbeeld omdat ik examens kon uitstellen als ze in een wedstrijdperiode vielen. En in de eerste jaren kon ik van groep veranderen voor de practica, zodat ik geen trainingen hoefde te missen.”

Het topsportstatuut geeft ook toegang tot de indoor atletiekhal en de powerzaal van het universitair sportcentrum. “Heel belangrijk om zo dicht bij mijn campus een goede trainingsplek te hebben”, zegt Vidts.

Deze studie leert je om oplossingsgericht te denken. Dat komt ook van pas in de sport.

Op wolkjes

Begin vorig jaar gooide de coronapandemie de plannen van zowat iedereen overhoop, zeker ook die van sporters: een hele reeks wedstrijden viel weg. “Toen ook de Olympische Spelen uitgesteld werden, was dat natuurlijk een klap”, vertelt Vidts. “Maar ik dacht al snel: ‘Oké, volgend jaar ben ik weer een jaartje ouder en sterker.’”

Dat bleek juist gedacht. Een eerste hoogtepunt waren de Europese kampioenschappen indoor in het Poolse Torun: ze verpulverde er haar record in de vijfkamp en stond met zilver om de nek naast gouden Nafi Thiam op het podium. “Ik was met een goed gevoel naar dat EK getrokken, maar zonder grote verwachtingen. Die prestatie heeft me een enorme boost gegeven, ik heb een tijdje echt op wolkjes gelopen.”

Toch bleven de ambities voor de zevenkamp op de Olympische Spelen bescheiden: Tokio zou vooral een eerste kennismaking met de Spelen worden, met het oog op de toekomst. Het werd veel meer dan dat. Toen Vidts halfweg het tornooi nog volop in de running was voor een medaille, verbaasde ze daarmee niet alleen de Belgische sportliefhebber, maar ook zichzelf. Je zou van minder gaan stralen. “Sowieso is een zevenkamp altijd echt genieten voor mij, maar als je op de Spelen mag staan en het gaat dan ook nog eens allemaal zo goed …”

Vidts verscherpte haar ‘personal best’ in liefst vijf disciplines en deed met een totaalscore van 6.571 punten meer dan 300 punten beter dan haar vorige record. “Ik was vooral blij met mijn prestatie in het speerwerpen, geen makkelijke proef voor mij”, zegt ze. “De grens van de 40 meter leek lange tijd onhaalbaar, maar in Tokio ben ik er éindelijk over geraakt (lacht).”

Een medaille zat er net niet in. Het cliché wil dat de vierde plaats de meest ondankbare is, maar zo denkt Vidts er niet over: “Ik heb tijdens de afsluitende 800 meter alles gegeven om toch het podium te halen, maar ik wist dat het moeilijk zou worden. Teleurgesteld ben ik totaal niet, trots is het overheersende gevoel. Vooraf had ik nooit durven dromen van een vierde plaats.”

Voor Nafi Thiam, die erin slaagde om haar Olympische titel te verlengen, heeft Vidts veel bewondering: “Dat klaarspelen, onder zoveel druk, is enorm moeilijk. Nafi is een uniek talent, maar ze is ook gewoon heel lief. Tijdens zo’n meerkamp praten we tussendoor over allerlei dingen. Er is soms wel een taalbarrière tussen ons, daar moeten we allebei nog wat aan werken (lacht).”

Sowieso is een zevenkamp altijd echt genieten voor mij, maar als je op de Spelen mag staan en het gaat dan ook nog eens allemaal zo goed …

Pieken in Parijs

Wat de Olympische ervaring extra speciaal maakte voor Vidts, is dat ze die kon delen met een studiegenoot en goede vriendin: Heleen Nauwelaers speelt bij de Belgian Cats, die na een thriller strandden in de kwartfinale van het baskettornooi. “We zijn destijds samen aan de studie bio-ingenieur begonnen, zij is net afgestudeerd. Toch wel heel bijzonder om samen met haar aan de Spelen te kunnen deelnemen. Toen ik aankwam in het Belgische basecamp in Mito, was Heleen net vertrokken naar het atletendorp, maar ze had een briefje voor me achtergelaten: superlief. We hebben elkaar later nog kunnen zien.”

“Ik vind het wel erg jammer dat mijn familie er niet bij kon zijn. Mijn ouders doen veel om me te steunen en ik had het hen zó hard gegund. Tokio is ook heel wat exotischer dan Parijs, waar de Spelen van 2024 plaatsvinden.”

Haar ouders zullen in de Franse hoofdstad mogelijk wel getuige zijn van een topprestatie van hun dochter. “Ik heb nu een eerste keer kunnen proeven van de Spelen, die ervaring neem ik mee naar Parijs. Dan zal ik 28 zijn: een leeftijd waarop je in de meerkamp je beste prestaties kan neerzetten. Of ik daar ook een concrete ambitie of medaille aan vasthang? Nee, dat doe ik liever niet. Ik wil mezelf gewoon blijven verbeteren, we zien wel waar ik dan uitkom (lacht).”’

Natuurlijk formuleert Vidts wel degelijk doelen voor zichzelf, zowel in de sport als in het leven tout court. “Sowieso zou ik na mijn afstuderen als bio-ingenieur iets willen hebben om naast de sport te doen. Mogelijk een bijkomende studie, of anders een job van twee of drie halve dagen, dat zou ideaal zijn. En als mijn sportieve carrière erop zit, zou ik graag als sportingenieur aan de slag gaan. Wat dat dan precies zal inhouden, moet ik zelf nog uitzoeken (lacht).”

Woont u in (een deelgemeente van) Leuven?

In samenwerking met de stad Leuven peilt de Onderzoeksgroep Sport- & Bewegingsbeleid naar de impact van het WK Wielrennen bij Leuvenaars.