Ga verder na de inhoud
Ethische dilemma’s voor Vlaamse moslims
Onderzoek

Ethische dilemma’s voor Vlaamse moslims

De islam is een van de snelst groeiende religies ter wereld. Tegen 2050 zal ongeveer tien procent van de Europese bevolking moslim zijn.

6 minuten
17 juni 2021

Moslim zijn in een geseculariseerde westerse wereld, wat betekent dat eigenlijk? Professor islamitische ethiek Chaïma Ahaddour verdiept zich in islamitische perspectieven op ethische kwesties aan het begin en het einde van het leven. Daarmee verkent ze een onontgonnen onderzoeksterrein: “Over de attitudes van West-Europese moslims tegenover hedendaagse maatschappelijke issues bestaan quasi geen data.”

Hoe kijken Marokkaanse moslimvrouwen van middelbare en gevorderde leeftijd naar sterven en dood? Zowel de visie van de eerste generatie moslims als die van de tweede wordt bepaald door hun religieuze overtuiging. Dat geldt dus ook voor veertigers en vijftigers die zijn opgegroeid in een individualistische, westerse context. “Heel wat secularisatietheorieën voorspellen dat moslims in een migratiecontext door de generaties heen meer seculier worden. Op een aantal vlakken klopt die prognose, maar als het gaat om sterven en dood blijft het geloof een prominente rol spelen”, zegt professor Ahaddour.

Eeuwige grafrust

Religie vooropstellen in een geseculariseerde omgeving is nochtans niet altijd vanzelfsprekend. Zo heeft de migratiecontext bijvoorbeeld een impact op de uitvoering van islamitische begrafenisrituelen. Als een moslim sterft, moet het lichaam volgens de islamitische voorschriften gewassen worden, in een lijkwade gewikkeld, en binnen de vierentwintig uur begraven, waarbij de dode een eeuwige grafrust krijgt. In België kunnen niet al die voorschriften worden gegarandeerd: tijdelijke concessies begrenzen de eeuwige grafrust en een lichaam wordt bij repatriëring vaak enkele dagen opgebaard in een mortuarium.

Hoewel de islamitische traditie voorschrijft dat een overledene zo snel mogelijk moet worden begraven, is het immers toch de wens van de overgrote meerderheid van de moslims om na hun dood te worden gerepatrieerd naar het land van herkomst. Voor de eerste generatie is dat een evidentie: zij zijn geboren en getogen in Marokko en willen graag naast hun familie begraven worden. De tweede generatie is minder verbonden met het land van herkomst. De meesten willen liever in België, dichtbij hun kinderen, begraven worden. “Maar omdat niet alle islamitische voorschriften in België nageleefd worden, voelen ze zich genoodzaakt om voor repatriëring te kiezen. Net als de eerste generatie willen ze een garantie op eeuwige grafrust.”

Omdat niet alle islamitische begrafenisvoorschriften in België kunnen worden nageleefd, voelen veel moslims zich genoodzaakt om voor repatriëring te kiezen. Ze willen een garantie op eeuwige grafrust.

Pluralistisch rusthuis

Ook op het vlak van ouderenzorg is het referentiepunt de Koran. Daarin staat dat moslims hun ouders met respect moeten behandelen. Ouders van de eerste generatie verwachten daarom dat hun kinderen voor hen zullen zorgen als ze zorgafhankelijk worden. Maar de tweede generatie kan die traditionele zorgverwachting moeilijk inlossen: anders dan hun moeders zijn moslimvrouwen van middelbare leeftijd geen fulltime huisvrouwen. De tweede generatie – de zogenaamde sandwichgeneratie – combineert de opvoeding van hun kinderen en de zorg voor hun ouders met buitenshuis werken.

Daarom interpreteren ze de Koran anders. “Ze willen hun ouders kwaliteitsvolle zorg bieden, maar voelen zich niet verplicht om de rol van mantelzorger volledig op zich te nemen.” Voor de tweede generatie kan de zorgtaak deels doorgeschoven worden naar de professionele zorgverlening.

Die openheid naar professionele en residentiële zorgvoorzieningen ontbreekt echter bij de eerste generatie. Moslimouderen geven aan dat ze nog liever sterven dan in een rusthuis terecht te komen. “Ze vrezen zich daar eenzaam en opgesloten te zullen voelen.” Die negatieve kijk vloeit voort uit ervaringen met rusthuizen in het land van herkomst, waar ouderen vaak verwaarloosd worden.

Dat wantrouwen leeft minder bij de tweede generatie. Moslimvrouwen van middelbare leeftijd staan open voor pluralistische woonzorgcentra, die rekening houden met religieuze en culturele noden, en de mogelijkheid bieden om vijf keer per dag te bidden, te vasten, halal vlees te eten, de vrijdagpreek van een imam te volgen en gewassen te worden door een zorgverlener van hetzelfde geslacht.

Vandaag wordt echter nog te weinig rekening gehouden met die religieuze wensen. Rusthuizen zijn voornamelijk gericht op de modale witte Vlaming. “Er is een dringende nood aan zorginstellingen die afgestemd zijn op de religieuze en culturele gevoeligheden van de moslimgemeenschap, nu de eerste generatie moslims vergrijst en zorgbehoevend wordt.”

Moslims uit de tweede generatie voelen zich niet verplicht om de rol van mantelzorger volledig op zich te nemen.

Wereldse beproevingen

Naast begrafenisrituelen en ouderenzorg verkent professor Ahaddour in haar onderzoek de visie van moslims op bio-ethische kwesties aan het levenseinde. Hoe staan moslims bijvoorbeeld tegenover euthanasie? “Levensbeëindigend handelen is voor moslims een absolute no-go”, vertelt professor Ahaddour. Die opvatting komt opnieuw voort uit hun godsbeeld: “God wordt beschouwd als de auteur van leven en dood. God schenkt het leven en heeft daarom het alleenrecht om iemand het leven te ontnemen.” Euthanasie wordt door moslims dan ook gezien als blasfemie, en iets wat je de toegang ontzegt tot het paradijs.

Maar hoe gaan moslims dan om met ondraaglijk lijden? “Ze zien ziekte en lijden als beproevingen tijdens het wereldse leven. Door die beproevingen geduldig te doorstaan en te vertrouwen op God effen je het pad naar het paradijs. Lijden is voor moslims dus niet zinloos.” Maar dat wil niet zeggen dat ze pijn lijdzaam ondergaan. Bij ziekte doen ook moslims een beroep op een arts en gaan ze op zoek naar een medische behandeling.

Bij ondraaglijk lijden wordt palliatieve sedatie vaak voorgesteld als een alternatief voor euthanasie. Daarbij worden medicijnen toegediend die het bewustzijn verlagen en zo de pijn verlichten. In de islamitische wereld is palliatieve sedatie echter voer voor discussie: is het een vorm van langzame euthanasie of bepaalt God nog altijd het moment van sterven? Vooral bij ouderen bestaat veel terughoudendheid tegenover palliatieve sedatie. “Toch zien zowel moslims van de eerste als van de tweede generatie die ooit in hun directe omgeving geconfronteerd zijn geweest met ondraaglijk lijden, pijnbestrijding vaak net als een manier om tot een kwaliteitsvol levenseinde te komen.”

Prenatale diagnostiek

Ook met het begin van het leven zijn ethische dilemma’s verbonden. Tegen het advies van medische experts in kiezen de meeste moslimkoppels niet voor een prenatale test, waarmee genetische afwijkingen bij een ongeboren kind worden opgespoord. “Ze hebben geen vertrouwen in zo’n test, omdat ze de beperkte kennis van de arts afzetten tegen de onbeperkte kennis van God. Als ze wel een test laten doen, is dat vooral om voorbereid te zijn, en niet zozeer om bij een afwijking over te gaan tot verdere testen of een zwangerschapsafbreking.” Dat laatste kan volgens de meeste moslims immers alleen als het leven van de moeder in gevaar is.

Daarmee zijn ze echter strenger dan wat de islamitische traditie aangeeft. Volgens religieuze geleerden en islamitische bronnen is het immers zo dat er, als drie artsen afzonderlijk van elkaar vaststellen dat een ongeboren kind een ernstige aangeboren afwijking heeft of niet levensvatbaar is, mag worden overgegaan tot een zwangerschapsafbreking, die binnen een bepaalde termijn moet plaatsvinden.

Moslims die worstelen met ethische vragen, richten zich dikwijls tot een imam. “Maar ook imams in West-Europa zijn vaak niet voldoende op de hoogte van islamitische perspectieven op gevoelige medische kwesties. Daardoor zijn veel moslimkoppels niet in staat om een geïnformeerde beslissing te nemen rond prenatale diagnostiek en zwangerschapsafbreking.”

Professor Ahaddour wil daarom zelf een genuanceerd ethisch kader ontwikkelen, op basis van religieuze bronnen, zoals de Koran, maar ook empirisch onderzoek. “Door de islamitische bronnen te ontleden en verschillende perspectieven binnen de moslimgemeenschap in kaart te brengen, wil ik zowel imams als medische professionals sensibiliseren en moslimkoppels op weg helpen bij hun beslissingsproces.” (jw)

Ook gepubliceerd in...

Sonar

Zomer 2021