Ga verder na de inhoud
De duurzame energietransitie doorgelicht
Onder het dak van Energyville werken ingenieurs, economen, architecten en sociologen zij aan zij rond verschillende onderzoekstopics.
© KU Leuven - RS
Onderzoek

De duurzame energietransitie doorgelicht

Professor energie en milieueconomie Stef Proost legt de switch van fossiele naar hernieuwbare energie onder een vergrootglas.

3 minuten
05 augustus 2021

Stelling 1: De energietransitie vereist een hele omschakeling van de man in de straat.

“Er zal vooral geschakeld worden vóór en niet dóór de man in de straat. Een warmtepomp of elektrische auto is voor de consument weliswaar een grotere investering dan een gasketel of een diesel- of benzinewagen, maar tegenover die investering staat wel een hoger rendement en een kleiner verbruik.”

“Verder vergen energiezuinige alternatieven weinig aanpassing. De thermostaat die gekoppeld is aan een warmtepomp of -net, is intelligent genoeg om zuinig om te springen met energievoorziening. En in periodes met weinig wind en zon, wanneer de elektriciteit gedurende enkele uren duurder is, houdt isolatie een huis warm. Elektrische auto’s vergelijk ik met elektrische fietsen: bijna de helft van de verkochte fietsen is een e-bike. Hebben we daar last van? Integendeel, ouderen van vijfentachtig jaar rijden er ook mee.”

Stelling 2: Er is genoeg maatschappelijk draagvlak voor de energietransitie.

“Vergeleken met COVID-19 heeft het klimaat een dubbele handicap. Ten eerste daalt bij de invoering van coronamaatregelen het aantal besmettingen en ziekenhuisopnames al na twee of drie weken. Zulke kortetermijneffecten hebben klimaatinspanningen niet. Restricties op de uitstoot van broeikasgassen zijn wellicht pas over dertig jaar voelbaar in het klimaat. Dat is waarschijnlijk ook de reden waarom jongeren zich sterker engageren voor het klimaat. Zij zullen de vruchten van huidige inspanningen nog plukken.”

“Om COVID-19 de kop in te drukken, moet burgerzin bovendien vooral aangewakkerd worden op landelijk of stadsniveau. De klimaatcrisis vergt daarentegen een wereldwijde inspanning. Of CO2 nu uitgestoten wordt bij ons of in Bangladesh: de impact is exact dezelfde. Dat Europa een ambitieus klimaatbeleid heeft, is dus niet genoeg. Om de klimaatopwarming tegen te gaan, moet de hele wereld meewerken.”

Stelling 3: Een CO2-vrije toekomst is onbetaalbaar zonder kernenergie.

“De huidige regering kiest voor een kernuitstap. Die is niet onbetaalbaar: kernenergie is voor de komende twintig jaar een optie in de Belgische energiemix, maar er zijn ook combinaties mogelijk zónder kernenergie. Om de klimaatdoelstellingen niet in gevaar te brengen, moet de uitstap bovenal passen binnen de Europese elektriciteitsmarkt. Een hogere CO2-uitstoot in België wordt bijvoorbeeld opgevangen door automatische compensaties op Europees niveau via handel in uitstootrechten met andere sectoren en landen. Een tweede voorwaarde is de kost: als de technologie rond hernieuwbare energie zeer gunstig evolueert, kan een kernuitstap goedkoper uitdraaien dan een energiemix met kernenergie.”

“Er is ook nood aan een langetermijnplan: wat doen we na 2045? Als nieuwe vormen van kernenergie, zoals thoriumreactoren en kernfusie, dan goedkoop en veilig zijn, kunnen we die opties aanboren. Zonder kernenergie moeten we kunnen steunen op hernieuwbare energie en innovatieve technologische ontwikkelingen. Denk aan systemen als koolstofcaptatie, waarbij CO2 uit de lucht wordt gehaald.”

Stelling 4: Groene energie kan zonder overheidssubsidies.

“De Vlaamse regering zette de voorbije jaren massaal in op subsidies voor de installatie van onder andere fotovoltaïsche zonnepanelen. Dat was politiek opportuun, maar ook inefficiënt. Enerzijds is hernieuwbare energie in het buitenland een stuk goedkoper en anderzijds zijn subsidies voor onderzoek en ontwikkeling veel crucialer dan wat men leert uit de honderdduizendste fotovoltaïsche installatie. We hebben nood aan nieuwe en veel betere technologieën die de energietransitie mogelijk maken. De uitdagingen zijn groot.”

“Technologische ontwikkelingen maken bovendien ook wereldwijd het verschil. Als wij ervoor zorgen dat groene technologieën klaarstaan én voordeliger zijn dan de huidige fossiele energiebronnen, zal de rest van de wereld veel meer geneigd zijn om mee te stappen in de energietransitie. Tenslotte vertegenwoordigt de EU maar een tiental procent van de werelduitstoot.”

Ook gepubliceerd in...

Sonar

Zomer 2021