Ga verder na de inhoud
De digitale vingerafdruk van Pieter Bruegel
Onderzoek

De digitale vingerafdruk van Pieter Bruegel

Nieuwe technologie verscherpt als het ware ons oog om naar het grafisch oeuvre van een oude meester te kijken.

6 minuten
27 juli 2021

Je kan de werken van kunstenaar Pieter Bruegel in musea over heel de wereld bewonderen en dat is zeker de moeite waard. Maar als onderzoeker kan je nog een stapje verder gaan en een flinke portie ‘hightech’ op de werken loslaten. Die nieuwe technologie maakt de onderzoekers alleen nog maar enthousiaster over de oude meester. “Hoe meer je inzoomt, hoe duidelijker je de virtuoze hand van Bruegel ziet”, zegt conservator-restaurator en kunstwetenschapper Lieve Watteeuw.

Professor Lieve Watteeuw wordt wel eens een boekenchirurg genoemd en daar kan ze perfect mee leven. “Het geeft me altijd een aha-erlebnis om zo’n eeuwenoud werk van perkament of papier voor de eerste keer in handen te nemen. Pas daarna komt de wetenschap eraan te pas. En samen met de kennis stijgt ook de bewondering voor het kunstwerk. Als je zo’n werk dan heel precies en zeer langzaam moet restaureren, voel je je heel verbonden met degene die het gemaakt heeft.”

Watteeuw is gespecialiseerd in middeleeuwse verluchte handschriften. Denk aan handgeschreven documenten – van gebedenboeken tot historische werken – met miniaturen en gekleurde initialen. In oorsprong waren verluchte handschriften letterlijk monnikenwerk: in hun abdij zaten monniken geduldig over bijbels gebogen om ze te illustreren. Later dient zich een internationaal erkende generatie Vlaamse miniaturisten aan. Onder hen: ene Pieter Bruegel de Oude.

De originele ontwerptekening Luxuria (De wellust) van Pieter Bruegel de Oude, uit de reeks De zeven hoofdzonden, één van de hoogtepunten uit zijn grafisch oeuvre.
De originele ontwerptekening Luxuria (De wellust) van Pieter Bruegel de Oude, uit de reeks De zeven hoofdzonden, één van de hoogtepunten uit zijn grafisch oeuvre.
© Fingerprint, KU Leuven/KBR

Allround

Bruegel was ook tekenaar en miniaturist, vertelt Watteeuw, al zullen we hem vooral associëren met zijn schilderkunst. Wie Pieter Bruegel de Oude zegt, denkt aan zijn schilderijen van landschappen en volkse taferelen, zoals zijn klassieker De boerenbruiloft. “Mijn favoriete schilderij van Bruegel is De Toren van Babel, dat je in Wenen kan gaan bewonderen. Maar Bruegel was een echte allroundkunstenaar: hij maakte miniaturen, schilderijen, houtsnedes, gravures en tekeningen. Hij had alle kunstvormen van zijn tijd in de vingers.”

Dat de Brabantse kunstenaar ook tijdens zijn leven al een grote populariteit genoot, had hij aan zijn tekeningen en etsen te danken. Tijdens de 16de eeuw was Antwerpen het centrum voor de productie en de handel in prenten – het hippe massamedium van toen. Het was de Antwerpse uitgever en kopergraveur Hieronymus Cock die het talent van de jonge Bruegel ontdekte en hem ontwerpen voor gravures liet maken. Bruegel zou uiteindelijk meer dan zestig tekeningen maken, die door de beste graveurs van zijn tijd op koperplaten werden gezet en vervolgens gedrukt. De prenten werden al snel collector’s items die gegoede burgers bewaarden in albums of kabinetten. Pas later in zijn leven legde Bruegel zich toe op schilderkunst.

Ira (De gramschap) van Bruegel onder de Leuvense Microdome, een mobiel beeldvormingsapparaat waarmee documentair erfgoed in hoge resolutie gefotografeerd kan worden, uit verschillende invalshoeken en met verschillende filters.
Ira (De gramschap) van Bruegel onder de Leuvense Microdome, een mobiel beeldvormingsapparaat waarmee documentair erfgoed in hoge resolutie gefotografeerd kan worden, uit verschillende invalshoeken en met verschillende filters.
© Fingerprint, KU Leuven/KBR

Echte Bruegel of kopie?

De ontstaansgeschiedenis achter zo’n prent is behoorlijk ingewikkeld. Elke originele tekening is een pièce unique. Maar die was het vertrekpunt van een hele reeks gedrukte prenten, waarvoor verschillende versies van de koperplaat gebruikt werden. Want de koperplaten raakten in de loop der eeuwen verspreid, versleten en werden soms bijgewerkt. Er circuleren dus heel wat versies uit de tijd van Bruegel zelf, naast die van navolgers en kopieerders. “Uiteindelijk wil je een antwoord op de vraag: is dit een echte Bruegel of een kopie? Tot nu toe waren we daarvoor afhankelijk van het blote oog van connaisseurs-kunsthistorici. Wij willen dat aanvullen met nieuwe, high-end wetenschappelijke beeldvorming. Dat betekent ook dat we het interdisciplinair aanpakken: met kunsthistorici en kunsttechnici, maar ook fotografen en ingenieurs.”

De Leuvense onderzoekers gingen daarvoor in zee met KBR – de nieuwe naam van de Koninklijke Bibliotheek in Brussel – dat in zijn prentenkabinet drie originele tekeningen en een tweehonderdtal gedrukte prenten van Bruegel bewaart. Het is één van de grootste Bruegel-collecties ter wereld. In het Fingerprint-onderzoeksproject werd dat grafisch oeuvre van Bruegel met nieuwe technologie op meerdere manieren onder de loep genomen.

Een opvallende figuur op de tekening is het mannetje met de mijter, met de armen vastgebonden gezeten op een fantasiemonster. Deze figuur wordt meestal beschouwd als een overspelige die zijn bestraffing tegemoet gaat, met zijn vonnis op zijn hoofddeksel gespeld. Zijn mijter is in de gedrukte prenten vervangen door een hoed; kritiek op kerkelijke gezagsdragers kon problemen opleveren.
Een opvallende figuur op de tekening is het mannetje met de mijter, met de armen vastgebonden gezeten op een fantasiemonster. Deze figuur wordt meestal beschouwd als een overspelige die zijn bestraffing tegemoet gaat, met zijn vonnis op zijn hoofddeksel gespeld. Zijn mijter is in de gedrukte prenten vervangen door een hoed; kritiek op kerkelijke gezagsdragers kon problemen opleveren.
© Fingerprint, KU Leuven/KBR

Voor de lens en onder de scanner

“We hebben de verzameling tekeningen en prenten eerst gedigitaliseerd. Voor- en achterzijde van elke tekening en prent werden verschillende keren gefotografeerd in een zeer hoge resolutie – je kan inzoomen tot op de papiervezel –, telkens met belichting uit een andere hoek”, vertelt Watteeuw. De volgende stap was het inzetten van de Leuvense Microdome, een mobiel koepelvormig beeldvormingsapparaat, waarmee je als het ware kan scannen. Je kan de scans roteren, alsof je het voorwerp zelf vasthoudt en naar het licht draait. Je detecteert zo zelfs de geringste variaties in reliëf. De scans kunnen gemaakt worden met verschillende filters en in verschillende frequentiebanden van licht, gaande van infrarood tot ultraviolet.

Alles tezamen levert dat een enorme databank op. “Het geeft ons een heel gedetailleerd en gelaagd dieptezicht in het werk van Bruegel, dat we nooit tevoren hadden”, zegt Watteeuw. Ze verwijst naar haar favoriete tekening: Luxuria (De wellust), uit de reeks De zeven hoofdzonden, één van de hoogtepunten uit het grafisch oeuvre van Bruegel. Een opvallende figuur op de tekening is een mannetje met een mijter: een overspelige die wordt bestraft. In de gedrukte prenten heeft de graveur die mijter voorzichtigheidshalve vervangen door een hoed: kritiek op kerkelijke gezagsdragers kon problemen opleveren.

Een detail uit Luxuria: een raaf op de originele tekening versus een visualisatie van datzelfde fragment door de Microdome, waarbij de textuur weggenomen werd en het reliëf berekend werd op basis van de ultraviolette informatie. De profielberekeningen geven de diepte van de krassen weer: de graveur ging met een metalen pen over de lijnen van de tekening om die zo over te zetten op een koperplaat. Dit voorbeeld toont hoe de dome details blootlegt die het blote oog nooit kan waarnemen.
Een detail uit Luxuria: een raaf op de originele tekening versus een visualisatie van datzelfde fragment door de Microdome, waarbij de textuur weggenomen werd en het reliëf berekend werd op basis van de ultraviolette informatie. De profielberekeningen geven de diepte van de krassen weer: de graveur ging met een metalen pen over de lijnen van de tekening om die zo over te zetten op een koperplaat. Dit voorbeeld toont hoe de dome details blootlegt die het blote oog nooit kan waarnemen.
© Fingerprint, KU Leuven/KBR

De hand van de meester

De nieuwe technologie maakt de onderzoekers alleen nog maar enthousiaster over de oude meester. “Nu we zijn complexe tekeningen zo scherp kunnen zien, merken we hoe weinig foutjes Bruegel maakt, hoe weinig hulplijntjes hij gebruikt, hoe snel en beredeneerd hij werkt”, zegt Watteeuw. “Hij moet niet alleen een vaste hand gehad hebben, maar ook een bijzonder scherp oog en een uitgebreid palet aan technieken. Op één vierkante centimeter past Bruegel bij het tekenen misschien wel tien technieken toe: arceren, pointilleren, met verschillende inkten en ganzenveren. Hoe meer je inzoomt, hoe duidelijker je de virtuoze hand van de meester ziet. En dit is dan maar nog zijn werk uit zijn jonge jaren.”

De nieuwe technologie levert niet alleen nieuwe inzichten over Bruegel; ze biedt ook het voordeel dat ze de kunstwerken geen enkele schade berokkent. “Die tekeningen en prenten zijn zeer fragiel. Ze worden in prentenkabinetten bewaard: in donkere lades tussen zuurvrij karton, om lichtschade aan het papier te beperken. Vroeger durfde men al eens krassen of wrijven om het werk te onderzoeken. Tegenwoordig is dat not done en wordt een kunstwerk zo weinig mogelijk aangeraakt. Dankzij onze beeldvormingstechnologie is dat perfect mogelijk.”

Uiteindelijk wil je een antwoord op de vraag: is dit een echte Bruegel of een kopie? Tot nu toe waren we daarvoor afhankelijk van het blote oog van connaisseurs-kunsthistorici.

Toegankelijk

De hightech helpt ook de werken van Bruegel te ontsluiten. Omdat ze zo fragiel zijn worden de oorspronkelijke tekeningen en prenten nooit langer dan drie maanden tentoongesteld. Ze waren dus tot nu toe weinig toegankelijk voor het brede publiek én voor onderzoekers. Met de digitalisering komt daar verandering in. De onderzoeksgroep van Watteeuw leverde bijvoorbeeld heel wat materiaal voor de Bruegel-tentoonstellingen in Wenen en Brussel in 2018 en 2019.

Zo’n project is telkens weer een ontdekkingsreis, vertelt Watteeuw. “Een prent zoals Luxuria is zestiende-eeuws, maar tegelijk universeel. Het is een fantastische compositie met verwijzingen naar de politiek, de menselijke tekortkomingen zoals ijdelheid of relaties zoals overspel, met hier en daar een kwinkslag.” En de nieuwe technologie verscherpt als het ware ons oog: “Ze helpt om het verhaal van het kunstwerk te vertellen. Je kan gerust minutenlang naar de beelden van een tekening of een gravure staan kijken en details blijven ontdekken. Deze methode om naar kunst te kijken, moet een nieuwe standaard worden in de kunstwetenschappen.”

Binnen VIEW, de nieuwe Kernfaciliteit voor Erfgoedonderzoek en Digitaliseringstechnologieën van KU Leuven, worden expertise en infrastructuur samengebracht om documentair erfgoed, zoals het werk van Bruegel, interdisciplinair te onderzoeken. “De spitstechnologie die we op Bruegel toepasten, kunnen we natuurlijk ook gebruiken op andere historische documenten. We zijn bezig aan nieuw onderzoek, onder meer rond de pastels van Ensor en rond een evangelieboek uit de 13de eeuw. In mijn job rol je vanzelf van het ene project in het andere.”

Steun het onderzoek

De meesters van weleer ontmoeten moderne technologie. Word mecenas en help het cultuurhistorische erfgoed in stand houden.