Ga verder na de inhoud
Bekoelde ambities, warmere aarde
Onderzoek

Bekoelde ambities, warmere aarde

In 2015 ondertekenen 195 landen het Parijsakkoord en beloven de klimaatopwarming aan te pakken. Vijf jaar later lijken de ambities bekoeld.

6 minuten
10 november 2020

In 2015 ondertekenen 195 landen het klimaatakkoord van Parijs. Reden tot juichen, want de wereld belooft eensgezind om de opwarming van de aarde onder de twee graden te houden. Vijf jaar later lijken de ambities bekoeld. De meeste landen doen te weinig, de VS stapte eruit en we stevenen af op een opwarming van vier graden. Europa blijft wél ambitieus, maar volstaat dat? “We hebben geen andere optie. Hoe sneller we iets doen, hoe minder het ons zal kosten.”

De uitspraak komt van Katja Biedenkopf, professor Internationale en Europese studies. Samen met haar collega’s bij de interdisciplinaire denktank Metaforum bekeek ze de voorbije jaren de maatschappelijke aspecten van klimaatverandering.

“Een bovengrens van twee graden was in 2015 al ambitieus”, zegt professor Biedenkopf. “Elk land heeft zijn ambities en engagementen geformuleerd in zogenaamde NDC’s – nationally determined contributions. Het plan is om die elke vijf jaar te herbekijken en ambitieuzer te maken. Helaas waren veel van de oorspronkelijke doelstellingen vaag of worden ze niet voldoende nageleefd. Maar dan nog … Zelfs als elk land zijn beloftes zou nakomen, halen we het niet. We hebben extra inspanningen nodig.”

America First

In 2015 tweette de toenmalige Amerikaanse president Obama wat een krachttoer het klimaatakkoord was, ‘thanks to American leadership.’ In 2017 gaf zijn opvolger Trump de brui aan dat leiderschap. De nieuwe POTUS stapte uit het klimaatakkoord omdat hij het beschouwt als ‘zelfverminking van de Amerikaanse economie’.

“Wellicht de grootste klap voor het klimaatakkoord”, zegt Biedenkopf. “De VS had daarvoor al niet bepaald een vooruitstrevend klimaatbeleid, maar het was een begin. Met Trump lag het anders … Het is een troost dat in de VS niet alles op nationaal niveau geregeld wordt. Sommige Amerikaanse staten hebben aparte klimaatmaatregelen. Het klimaatbeleid van Californië is bijvoorbeeld ambitieuzer dan dat van de EU. Dat neemt niet weg dat Trump een ramp was voor het klimaat. Nog eens vier jaar hetzelfde beleid zou pure horror zijn geweest.”

‘Made in China’ heeft nu eenmaal zijn gevolgen. Als wij hun producten blijven kopen, zijn we indirect medeverantwoordelijk voor hun emissies.

Made in China

De VS is verantwoordelijk voor 15 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. China staat op één met 29 procent. Wat doet de grootste wereldvervuiler? “China heeft beloofd om het aandeel van broeikasgassen in het Bruto Binnenlands Product tegen 2030 met meer dan de helft te beperken, ten opzichte van 2005. Klinkt mooi, maar ze hebben er meteen bij gezegd dat hun economie nog moet groeien. De totale uitstoot kan dus stijgen. Zelf spreken ze van een recorduitstoot in 2030, gevolgd door een daling van de ‘absolute uitstoot’.”

In tussentijd neemt het land wel maatregelen. “China zet volop in op elektrische voertuigen, het plant bossen aan en investeert in groene energie. Maar de Chinezen zijn ook nog heel afhankelijk van steenkool en dat is érg CO2-vervuilend. Niet alleen bouwen ze zelf kolencentrales, ze financieren die ook in andere landen. Dat heeft gevolgen voor de eindbalans.”

“Het is natuurlijk relatief”, zegt Biedenkopf. “China is de grootste vervuiler, maar het is ook een reusachtig land met veel inwoners. Als we per hoofd van de bevolking kijken, is het een ander verhaal. Dan doet België het slechter, om nog maar te zwijgen van de VS. Belangrijker is dat China ook veel produceert voor ónze consumptie. ‘Made in China’ heeft nu eenmaal zijn gevolgen. Als wij hun producten blijven kopen, zijn we onrechtstreeks medeverantwoordelijk voor hun uitstoot.”

Ruilhandel

De EU speelt een voortrekkersrol. Ze wil naar meer dan 40 procent broeikasreductie in 2030 ten opzichte van 1990. Realistisch? “Veertig procent zeker”, zegt Biedenkopf. “Wellicht halen we tegen 2030 zelfs vijftig procent. In 2050 zouden we klimaatneutraal moeten zijn. Dat betekent niet dat we niks meer zullen uitstoten, maar je kan dat compenseren. Bijvoorbeeld door broeikasgassen uit de atmosfeer te halen of ze bij productieprocessen meteen op te vangen. We zullen nog véél moeten investeren in infrastructuur, maar het verlagen van de uitstoot kan al deels met de bestaande technologie en het huidige beleid.”

Biedenkopf doelt op de emissiehandel, een speerpunt van het Europese klimaatbeleid. Bedrijven krijgen of kopen emissierechten voor de CO2 die ze uitstoten. Wie weinig vervuilt kan rechten doorverkopen aan wie het minder goed doet. Door uitstoot te koppelen aan centen, moeten bedrijven de afweging maken: investeren in groene technologie of rechten bijkopen.

“Een goed systeem, want je weet hoeveel je uitstoot, en er is een limiet voor emissies van energiebedrijven en zware industrie. Al moet je opletten. Aanvankelijk heeft de EU het aantal emissierechten overschat. Daardoor kwamen er te veel op de markt en kelderde de prijs. Als CO2 uitstoten praktisch gratis is, werkt het natuurlijk niet. Dat manco is verholpen: door stelselmatig minder rechten op de markt te brengen gaat de prijs omhoog en de uitstoot omlaag.”

Tegelijk krijgen bedrijven die internationaal concurreren veel uitstootrechten gratis. Een toegeving van de EU, om te voorkomen dat ze naar het buitenland verhuizen. “Je moet de afweging maken”, zegt Biedenkopf. “Als die bedrijven naar het buitenland trekken, wordt die CO2 elders uitgestoten, is er minder of geen controle, en maken we globaal gezien geen winst. Bovendien dwingt de EU hen om in ruil efficiënt te produceren, wat opnieuw helpt om de uitstoot te verlagen. Idealiter zouden we die emissiehandel wereldwijd installeren, maar dat zie ik niet meteen gebeuren ...”

Ontwikkelingslanden kunnen meteen investeren in klimaatvriendelijke technologie en schone energie. Ze hoeven niet de ‘fouten’ te maken die wij hebben gemaakt.

Duurzame ontwikkeling

De vraag is dus of er andere manieren zijn om de wereld mee te krijgen. “Europa moet een win-win- situatie creëren die het klimaat bevordert en economische groei genereert”, zegt Biedenkopf. “Als dat lukt, zullen anderen ons voorbeeld volgen. Denk aan Duitsland, dat vroeg is beginnen investeren in zonne-energie. Andere landen zagen de voordelen en zijn mee op de kar gesprongen. Inmiddels is een nieuwe installatie voor zonne-energie goedkoper dan een kern- of kolencentrale.”

Ook ontwikkelingslanden verdienen onze aandacht, aldus Biedenkopf. “Hun uitstoot is niet groot, maar zij lijden wel het meest onder de effecten van de klimaatverandering. Denk aan landen waar mensen nog steeds van kleinschalige landbouw leven. Als zij te maken krijgen met een droogte die de oogst verwoest, hebben ze niks te eten. Het is noodzakelijk dat ze kunnen investeren in irrigatiesystemen, en zich aanpassen aan de huidige klimaatverandering.

“Elk lage-inkomensland wil natuurlijk ooit een welvarend land worden. Het is de vraag hoe zij hun economie zullen organiseren. Ontwikkelingslanden hebben het voordeel dat ze meteen kunnen investeren in klimaatvriendelijke technologie en schone energie. Ze hoeven niet de ‘fouten’ te maken die wij hebben gemaakt. Doen ze dat wel, dan ziet het er minder rooskleurig uit. Wij moeten ze steunen met financiering en kennis om klimaatvriendelijke keuzes te maken.”

Blind autorijden

Biedenkopf blijft hoopvol voor een groene toekomst. “De geesten beginnen te rijpen”, zegt ze. “Klimaatopwarming was lang een onzichtbare problematiek, maar nu we te maken krijgen met hittegolven en periodes van droogte, zien mensen in dat er iets moet veranderen. De universiteit kan hier trouwens een voorbeeldfunctie vervullen. Dat doen we ook, door ons gedrag te veranderen en studenten vaardigheden bij te brengen om mee te bouwen aan een leefbare toekomst.”

Heeft het zin om dure maatregelen te nemen als enkel Europa ambitieus is? “We hebben geen andere optie”, zegt Biedenkopf. “Hoe sneller we iets doen aan de klimaatopwarming, hoe minder het ons zal kosten en hoe groter de kans is dat anderen volgen. Onze ogen sluiten voor het klimaat is als blind autorijden. Op een gegeven moment komen er ongelukken van.”

Steun het onderzoek

Onderzoekers wapenen de maatschappij tegen de grootste uitdagingen van onze tijd. U kunt hen daarin steunen.