Ga verder na de inhoud
Alzheimer raakt ontrafeld
Onderzoek

Alzheimer raakt ontrafeld

Is ouder worden onlosmakelijk verbonden met dementie?

6 minuten
16 september 2020

Als de diagnose Alzheimer luidt, lijkt dementie als een zwaard van Damocles boven het hoofd te hangen. Het lijkt alsof het nu eenmaal bij het ouder worden hoort, maar dat hoeft niet zo te zijn, vindt internationale alzheimerautoriteit Bart De Strooper. De ziekte onthult meer en meer haar geheimen. We worden allemaal gezonder ouder en er wordt nieuwe medicatie ontwikkeld. Genoeg redenen tot optimisme.

Het was de Duitse arts Aloïs Alzheimer die in het begin van de 20e eeuw een paar typische kenmerken in de hersenen van alzheimerpatiënten beschreef. Toen de dokter een autopsie op de hersenen van een patiënte uitvoerde, stelde hij belangrijke veranderingen vast in het hersenweefsel. Hij vond vreemde eiwit-ophopingen – plaques - rondom de hersencellen en vezelachtige kluwens in de cellen.

Onderzoekers ontdekten later dat de plaques en kluwens leiden tot het afsterven van de hersencellen. In een vroeg stadium treden symptomen op zoals geheugen-, spraak- of taalproblemen. Patiënten kunnen zich gaandeweg moeilijker oriënteren, ze verliezen motivatie en nemen steeds minder initiatief. Na verloop van tijd kunnen ze nog moeilijk zelfstandig leven en kampen ze met psychologische problemen en gedragsstoornissen. In de eindfase van de ziekte ontstaat dan dementie.

Plaques versus kluwens

Die plaques en kluwens zorgden voor een wetenschappelijk debat dat decennia lang woedde, vertelt neurowetenschapper Bart De Strooper. “Op welk van de twee moeten we onze pijlen richten in de zoektocht naar een behandeling?” De Strooper leidt in Leuven het VIB-KU Leuven Centrum voor Hersenonderzoek en hij is ook halftijds directeur van het Dementia Research Institute in Londen. Hij zag in zijn rijkgevulde carrière de kennis over alzheimer evolueren.

“Ondertussen begrijpen we tamelijk goed de moleculaire achtergrond van alzheimer. We weten dat de plaques klonters zijn van het eiwit amyloïde bèta; de kluwens worden gevormd door een ander eiwit – tau. De plaques verstoren de goede werking van de cellen en zorgen ervoor dat er kluwens tau zich op hun beurt in de cellen opstapelen. Het begint dus met amyloïde bèta: dat moet dus ons doelwit zijn.

Bejaarde thuis in een rolstoel

Schaartjes

Ook op het vlak van de genetische achtergrond van alzheimer is de laatste tijd grote vooruitgang geboekt. De Strooper maakte zelf naam en faam met zijn onderzoek naar de erfelijke variant van alzheimer. In 1998 publiceerde hij in het wetenschappelijk tijdschrift Nature een studie die als eerste aantoonde dat het fout liep bij de presenilines, de ‘schaartjes’ die de eiwitten in onze hersenen moeten knippen. Als dat niet goed gebeurt, klitten de amyloïde bèta eiwitten samen en ontstaan er plaques.

De overerfbare vorm van de ziekte is zeer zeldzaam. Ze wordt veroorzaakt door een specifieke genmutatie en begint meestal al op jonge leeftijd, soms al vanaf de leeftijd van dertig tot veertig jaar. Maar de meeste vormen van alzheimer zijn het gevolg van een samenspel van veroudering, een reeks risicogenen en omgevingsfactoren. Er werden tientallen varianten van genen in kaart gebracht die het risico op dementie op latere leeftijd vergroten. Dat je drager bent van zo’n risicogen, betekent nog niet dat je de ziekte sowieso zal krijgen – wat wel het geval is bij de erfelijke variant – alleen dat er een groter risico bestaat. Vandaar dat alzheimer meer voorkomt in sommige families, maar het dan ook weer niet alle familieleden zal treffen.

Bejaarde in verzorgingshuis

Gezonder ouder

Waarom wordt de ene drager van risicogenen ziek en de andere niet? Een grote rol daarin is weggelegd voor omgevingsfactoren die vooral met onze levensstijl te maken. Hoe ouder je wordt, hoe groter de kans dat je door Alzheimer wordt getroffen. Maar dat risico verhoogt als je weinig scholing hebt genoten, bij zwaarlijvigheid, diabetes, hoge bloeddruk, gebrek aan beweging, roken, sociaal isolement, depressie en gehoorverlies. “Het komt erop neer dat we alles moeten doen om gezond ouder te worden: gezond eten, meer bewegen, een hoorapparaat dragen enzovoort. Maar dat geldt altijd, niet alleen om alzheimer te voorkomen. Het goede nieuws is dat dit schijnt te lukken en dat we alsmaar gezonder ouder worden. Dit verklaart ook waarom Alzheimer zich op alsmaar oudere leeftijd begint te manifesteren.”

De medicatie die tot nu toe wordt ingezet bij alzheimer, bestrijdt alleen de symptomen. In de zoektocht naar een betere behandeling probeert men al jaren medicatie te ontwikkelen die de plaques en kluwens verwijdert. Op dat vlak valt er voorzichtig goed nieuws te melden. Het Amerikaanse farmaceuticabedrijf Biogen en zijn Japanse tegenhanger Eisai lieten eind 2019 weten dat ze erin geslaagd zijn om een middel te vinden dat de achteruitgang van het geheugen van alzheimerpatiënten afremt. “Het gaat om aducanumab, een geneesmiddel dat zich bindt aan het eiwit amyloïde bèta, waardoor het afweersysteem de klonters herkent en kan opruimen. Bij patiënten die lange tijd een hoge dosis krijgen, lijkt daarmee de dementie te stabiliseren.” De farmabedrijven dienden een aanvraag in bij het FDA, het Amerikaans instituut dat medicatie goedkeurt. Het is nu afwachten of deze eerste nieuwe therapie voor alzheimer groen licht krijgt.

Zoals met zoveel dingen in het leven: het gaat er niet om wat er gebeurt, maar hoe je ermee omgaat

Immuuncellen

Het goede nieuws op vlak van medicatie betekent niet dat de zoektocht gestaakt wordt. “Je hebt mensen met plaques in de hersenen die nooit dement worden. De vraag is waarom.” Uit recent onderzoek van De Strooper blijkt dat dat te maken heeft met de immuuncellen van onze hersenen. Het gaat om de microglia, de Pacmannetjes van onze hersenen. Het zijn gespecialiseerde immuuncellen die lichaamsvreemde en andere bedreigende stoffen verwijderen door ze op te eten.

In het geval van alzheimer ruimen de microglia zowel de eiwitklonters als aangetaste en dode hersencellen op. Maar de microglia werken slechter bij mensen die drager zijn van risicogenen voor alzheimer. “Vroeger zochten we naar de oorzaak van de plaques, nu bestuderen we de reactie van de hersencellen rond die plaques. Zoals met zoveel dingen in het leven: het gaat er niet om wat er gebeurt, maar hoe je ermee omgaat.” Met goeie genen gaan jouw microglia de plaques gewoon opruimen en krijg je geen alzheimer. “Voor de mensen met slechte genen moeten we nu een behandeling zoeken die zeer vroeg ingrijpt tijdens de ziekte – voordat de microglia in de problemen komen. Ons onderzoek met stamcellen en nieuwe beeldvormingstechnologie is daar nu volledig op gericht.”

We gaan nooit een geneesmiddel ontwikkelen dat dementie behandelt, maar wel eentje dat het voorkomt

Taboe verdwijnt

De Strooper vindt het belangrijk dat het taboe rond dementie doorbroken geraakt: “Dementie is een symptoom in het eindstadium van alzheimer – en ook van een aantal andere hersenaandoeningen – maar de eerste veranderingen in de hersenen gebeuren al twintig jaar daarvoor. Een ernstig probleem is dat de diagnose bij alzheimer vaak te laat komt. Dan is behandeling meestal onmogelijk. Dat betekent dat we bij alzheimer veel vroeger moeten diagnosticeren en behandelen. Daarom is het van belang om erover te praten en er op tijd bij te zijn. En dat zie ik ook meer en meer gebeuren, net zoals kanker nu ook gewoon bespreekbaar is. Dat is goed, want we gaan nooit een geneesmiddel ontwikkelen dat dementie kan doen verdwijnen, maar wel eentje dat het voorkomt.

Heeft dit onderzoek je nieuwsgierig gemaakt naar meer?